Geef Me Een Pen

Dit artikel verscheen eerder op Joy2Work.com

Het begint met een gedachte, een idee. Klein, haast ongrijpbaar. Soms is het meteen weg, andere keren blijft het in je achterhoofd zitten. Een flits, een korte scène, misschien zelfs een stukje dialoog, of monoloog. Maar wat is het nou werkelijk, fictie schrijven?

Bron: Foto door Rahul Shah (Pexels.com)

Fictie. Een gek woord eigenlijk. Fictio, in Latijn. “Vorming”. Een woord om een narratief aan te duiden dat zich eigenlijk alleen in de geest van de auteur en de lezer afspeelt. In tegenstelling tot non-fictie, dat puur uit feiten bestaat. Toch is er tussen feit en fictie vaak een smalle scheidingslijn.

In elk verzonnen narratief, elk verhaal, elk sprookje, elke fabel, zit toch altijd iets van waarheid, zeggen ze. Deze verhalen worden verzonnen om mensen (kinderen, meestal) iets te leren. Goed en fout, bijvoorbeeld. Dat kinderen naar hun ouders moeten luisteren, nooit alleen een bos in moet gaan, en zo voort.

Maar verzonnen verhalen komen ergens vandaan, toch? Niemand heeft een roman, novelle of kortverhaal “opeens” panklaar in het hoofd zitten. Waar vandaan dan? Dat is de moeilijkheid: overal. Er bestaat geen kist, of meertje waarin je alleen maar hoeft te grabbelen of te vissen. Een verhaal kan in de kleinste hoekjes zitten. In een foto, een stukje muziek. Een citaat dat je ooit hoorde, of een gesprek dat je ooit had.

Een verhaal kan zelfs ontstaan uit een gevoel dat je ooit hebt gehad! De eerste keer dat je verliefd werd, moest rouwen, gelukkig was… alles kan; dat is het mooie van fictie. Je kunt een stervende ridder op een slagveld een mooie monoloog geven, waarin je alles legt wat jou aan het woord “afscheid” doet denken. Misschien heeft hij een geliefde, een familie die hij niet zal terugzien.

Je kunt al je spanning en stress in een moment leggen waarin een geheim agent op het punt staat om ontmaskerd te worden. Of een verhaal waarin je de oorsprong van een litteken spannender maakt dan de werkelijkheid zou doen vermoeden.

Fictie is net zo eindeloos als de geest van de auteur. Je kunt er alle kanten mee op, maar omdat er al zoveel geschreven is bestaat de kans dat je clichés tegen komt. Bijvoorbeeld die van de “Uitverkorene”, een jonge man of vrouw die het kwaad zal overwinnen. Kijk naar Harry Potter, bijvoorbeeld. Of Lyra Belacqua uit Philip Pullman’s His Dark Materials boeken. In veel fantasy komt ook het cliché voor van de wijze leermeester. Een van de oudste voorbeelden is Myrddin Emrys; beter bekend als Merlijn, de tovenaar. Daar ligt de fictieve oorsprong van allerlei wijze leermeesters, zoals bijvoorbeeld Gandalf, Albus Dumbledore en zelfs Yoda.

“Geef me een pen en ik zal creëren”, ik weet niet wie het ooit heeft gezegd. Misschien was ik het zelf wel. Of zal ik het zijn, wanneer deze blog geschreven is. Het klinkt goed. En het is de essentie van fictie maken: creëren. Bedenken is één ding, het opschrijven is voor veel mensen een heel ander verhaal.

Wat voor de één een hele worsteling is, kan voor de ander veel makkelijker zijn. Ik ben altijd goed geweest in woorden vinden en daar een samenhangend verhaal van maken. Of dat nu fictie of non-fictie is. Geef me een pen… Voor mij klopt het half, ik gebruik een toetsenbord.

Echter, creëren zal ik. Daar is geen twijfel over mogelijk.

2 reacties Voeg uw reactie toe

  1. Jg schreef:

    Ja blijf maar creëren en schrijven,
    Ik kijk er naar uit !

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s