Fictie | Beschermer

Het was nog pikdonker. Hij sliep vast. Zijn rechtervoet hing buiten het bed, zijn linkerarm lag boven zijn hoofd. Door het open raam kwamen de geluiden van de stad binnen. Op zijn horloge, een zwart, eenvoudig exemplaar met lichtgevende wijzers, was het 4.55 in de ochtend. Met een schok werd hij wakker.

Bron: WallpaperFlare.com

Zodra hij zijn ogen opende staarde hij recht in twee andere, grijze, die hem onderzoekend aankeken. De ogen behoorden tot een smal gezicht, omringd door rode krullen. Haar neus was bedekt in sproeten, ze had een litteken op haar bovenlip… en ze zweefde ongeveer tien centimeter boven hem. Zijn eerste reactie was een kreet, wat er voor zorgde dat de indringer, die in het felle licht van zijn bedlamp iets etherisch had, enkele meters de lucht in schoot.

‘Wie ben je? Wat doe je hier?’ vroeg hij. De scherpe toon die hij in gedachten had werd wat teniet gedaan door zijn nog schorre stem. Ze lachte. Het klonk haast bovennatuurlijk, en zorgde ervoor dat hij zich, ondanks de schok, meteen op zijn gemak voelde. ‘Ik ben je beschermer.’
Beschermer? ‘Bescherm…engel?’ stotterde hij. Meteen was ze dichterbij, haar blik fel. ‘Ik ben géén engel!’ beet ze hem toe.
‘Oké, oké!’ afwerend hield hij zijn handen op.

Ze ging op de rand van het bed zitten. ‘Heb je je nooit afgevraagd waarom alles zo goed ging? Waarom je uitzonderlijk vaak de eerste in de rij voor een attractie was? Of in de rij voor de kassa? Waarom je, toen je vijf was en achterna gezeten werd door die grotere jongens, er ondanks hun klappen slechts een paar schrammen aan overhield? Of die keer dat je werd geschept tijdens het skateboarden en je slechts een gekneusde pols had? Of hoe je soms, als je niet voor een proefwerk geleerd had, tóch een voldoende kreeg? Heus niet omdat je zo super slim was!’ Dat deed pijn. Ze lachte om de blik die ze toegeworpen kreeg.

‘Maar waarom? Waarom die aandacht voor kleine, onbelangrijke dingen? Is een beschermeng– beschermer er niet voor de levensbedreigende zaken?’ vroeg hij opeens. Haar ogen werden groter. Er kwam een, in het halfduister van de kamer, nauwelijks merkbare blos op haar gezicht. ‘D..dat doet er niet toe!’ Hij was echter klaarwakker nu, en had iets opgemerkt. ‘Jawel! Er is meer, ik wist het!’
Ze sputterde tegen, wat de lach op zijn gezicht alleen maar breder maakte.

‘FIJN, ik vond je leuk, oké!’ riep ze. Daar had hij even niets van terug. Het was ook niet makkelijk te bevatten. Een, naar hij vermoedde, krachtig, bovennatuurlijk wezen vond hem leukHem?!
‘Wa-..huh?’ Intelligente reactie, monkelde een stem in zijn hoofd. Ze knikte. Zuchtte een keer en wist zich te herpakken. ‘Maar daarvoor kom ik niet,’ ze stond nu naast zijn bed.

‘Er dreigt gevaar,’ haar rechterhand lag op de pommel van een kort zwaard dat aan een riem om haar heup hing, ‘kom snel.’
Ze pakte hem bij de mouw van zijn t-shirt en trok hem met gemak uit bed.
Voor hij er erg in had werd hij meegetrokken in haar sprong uit het raam, de nacht in.

Één reactie Voeg uw reactie toe

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s