Skip to content

Fictie | Persconferentie

De wind rukt aan de vlaggen, wapperend aan palen voor het gebouw. Een grote menigte heeft zich verzameld. Er wordt geschreeuwd, gelachen, gezongen. Een oude man in een roestige, metalen klapstoel rookt rustig een sigaretje. De klok in de timpaan van het gebouw geeft aan dat het bijna tijd is.

Bron: VideoBlocks.com

Het ruikt naar hotdogs, loempia’s en naar vis. De deuren van het gebouw gaan open: daar komen ze. Vier vrouwen en mannen in ceremonieel kostuum, omringd door grote mannen in zwarte pakken met oortjes en een een machinegeweer; de beveiliging. Op het plein wordt het langzaam stiller, een golf die zich van voren naar achteren beweegt.

Er wordt een lessenaar met verschillende microfoons aan de top van de trappen naar het plein gerold. Achter me wordt een huilende baby gesust. Naast me staat een vader met zijn dochtertje op zijn nek. Reikhalzend kijken ze beiden naar de plek waar het gaat gebeuren. Via een pijnlijk gepiep wordt duidelijk dat de microfoons zijn aangesloten. Een lange man met zwart, achterovergekamd haar en een scherpe blik neemt achter het podium plaats. Schuin achter hem, twee treden hoger, staat zijn vrouw. Haar goudblonde haren wapperen in de wind en ze heeft het zichtbaar koud in haar jurk.

De beveiliging heeft zich ook rond het podium verzameld. Met de benen iets uit elkaar en handen op de wapens kijken ze alert naar de massa mensen op het plein. Het is nu doodstil. In de verte klinkt de klok. Zodra die stil is begint de man te spreken. Vurig, vol passie spuwt hij zijn rede de microfoon in. Rondom me mompelt er af en toe iemand wat, schudt met het hoofd of knikt instemmend. Als de toespraak is afgelopen blijft het stil. Een stilte die enkel onderbroken wordt door het krassen van een meeuw.

Dan gebeurt het. Drie doffe knallen verscheuren de stilte. De lange man leunt zwaar tegen het podium, hand op zijn buik. Onder zijn vingers komt bloed vandaan. Er begint iemand te gillen. Nog drie schoten. Eén van de bewakers is getroffen. Dan breekt er paniek uit. Er wordt geduwd en getrokken, terwijl bewaking het vuur opent op de massa, die enkel in paniek probeert weg te komen. Er klinkt gekras van de ijzeren hekken die opzij geduwd worden. Kogels ketsen voor me in de grond. Ik ren zonder ergens heen te gaan. Ik word gestuurd door de menigte.

Plotseling voel ik een scherpe pijn in nek, net boven mijn schouder. Zonder stil te blijven staan -want als je stil staat ben je een makkelijk doelwit- voel ik aan mijn schouder. Mijn vingers zijn glanzend rood. Een golf van duizeligheid desoriënteert me en een duw van iemand zorgt dat ik op de grond beland. Het wordt donker voor mijn ogen. Ik knipper een paar keer en probeer een paar keer om op te staan, maar glijd weg.

Mijn bril is afgevallen en ligt een eindje verderop gebroken op de tegels. Om me heen heerst de chaos, maar het geluid is weggevallen. In mijn oren klinkt alleen nog het kloppen van mijn hart. Het laatste dat ik zie is de oude man in zijn klapstoeltje. Zijn ogen zien niets meer. Zijn sigaret smeult nog zachtjes tussen zijn verstilde vingers.

Advertenties

1 reactie »

  1. Ha Daan,

    Bij het lezen van dit verhaal waarin je met relatief weinig woorden een veel betekenende belevenis of fictie neerzet, is het weer net alsof een aangrijpende film zich afspeelt!

    Dank je wel! XX Laura

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: