Fictie | Na De Storm

‘Wat heb je gedaan…?’
De vraag klonk dof, verslagen.
‘Wat ik moest doen.’

Retreating Storm – Karl Friedrich Lessing; Bron: Universal-prints.de

Zwarte rook kringelde uit de ruïnes naar boven. Hier en daar smeulden nog wat van de houten balken.
‘Je hebt ons allemaal de verdoemenis in geholpen.’
Uit de schaduw stapte een man met een volle, zwarte baard en grijze ogen. Zijn linkerhand rustte losjes in de zak van zijn mantel. Een mantel die de tekens van strijd vertoonde: brandplekken, scheuren en inmiddels geronnen bloed.
De man liep naar het midden van de bouwval. Daar, in een open plek die vreemd onaangeraakt leek, zat een jongen op handen en knieën.

De jongen zag er in zijn uitputting jong, haast kinderlijk uit. Blaren staken rood af tegen zijn bleke huid. Voor hem op de grond lagen reeds verbrande resten van wat ooit een wambuis was. Een mes stond met het heft omhoog in de lemen grond. Een staf, zwart met wit hout als adertjes erdoorheen stond ongedeerd tegen de enige muur die nog overeind stond.

‘Stommeling! Heb je énig idee wat jouw stunt teweeg heeft gebracht?’ gromde de man. Hij snoof diep. De penetrante geur van magie hing nog zwaar in de lucht. De jongen keek op. In zijn vermoeide gezicht keken twee ogen de oudere man scherp aan.
‘Had ik dit niet gedaan, waren we allemaal afgeslacht. Mannen, vrouwen, kinderen… Was dat beter geweest?’
De jongen stond moeizaam op. Hij wankelde, maar wist zijn evenwicht te bewaren.

De man keek scherp naar de plek waar de jongen gezeten had. In de grond stonden allerlei runen gekerfd. Hij trok wit weg toen hij het ritueel herkende. Scherp ademde hij in.

‘Het Laatste Oordeel?’ fluisterde hij.
De jongen knikte. ‘Voor haar.’
‘Ze zullen je vinden,’ sprak de oude man. ‘ze zullen je doden.’
Beide mannen keken elkaar aan. De jongste knikte.

Buiten klonk geschreeuw en gehinnik van paarden. De jongen stond op. ‘Ik heb niets meer te verliezen. Het ga je goed.’ Hij sloeg zijn kapotte mantel om en greep zijn staf. Langzaam stapte hij over een halfverkoolde deur heen naar buiten.

Hij liep een paar passen en bleef staan. Zijn staf losjes over zijn schouder. Magie cirkelde als een wervelstorm om hem heen. Met nog één blik richting de oude man in de ruïne, zette hij zich af en sprong een paar meter de lucht in. De staf geheven, klaar voor het onvermijdelijke.

Een haast dierlijke kreet klonk als aanrollende donder. Toen werd alles wit.

Advertenties

2 reacties Voeg uw reactie toe

  1. Jip schreef:

    wanneer is het hele verhaal af? Ik wil meer weten😱

  2. Esra schreef:

    Dit maakt inderdaad wel nieuwsgierig naar de context. Ga je een fantasyroman schrijven? 😉

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s