Fictie | In Brand

Het ritmisch ‘kedeng-kedeng’ van een trein is inmiddels een geluid van vroeger. Soms, in een oude trein of in een liedje, komt het nog wel eens terug. Tegenwoordig gaat alles nagenoeg geruisloos.

Favim.com-9513

Bron: Favim.com

Ik zit in een vrijwel lege coupé. Buiten razen dorpjes voorbij in een steeds donker wordende wereld. Tegenover me zit een vrouw van middelbare leeftijd. Met zo’n hip kort, blond geverfd kapsel en een bril waar de fictieve roddeljournaliste Rita Skeeter jaloers op zou zijn.

Naast haar zit een jongetje. Waarschijnlijk haar zoontje, maar dat kun je nooit zeker weten. Voor het zelfde geld is het haar kleinkind. Voor de toekijker zouden bordjes met relaties tussen mensen eigenlijk best een uitkomst zijn.

Het jongetje heet Jayden. Dit geeft de vrouw op vol volume, en aan niemand in het bijzonder, te kennen wanneer ze zijn aandacht probeert te trekken. Het kind in kwestie zit verborgen achter het schermpje van een iPhone 6s. Zo’n telefoon waarvan je denkt ‘wat moet zo’n kind daar mee?’

Na enkele tevergeefse pogingen om de aandacht van het kind te trekken geeft ze het op. Ze tovert, uit een enorme handtas, haar eigen mobiele apparaat tevoorschijn, waar ze driftig met felroze gelakte nagels op begint te tikken.

Niet veel later zit ze luidkeels een gesprek te voeren met haar telefoon. Althans, ik vermoed dat er wel iemand aan de andere kant van de lijn is, maar of die er ook maar één woord tussen krijgt is nog maar de vraag.

Uiteindelijk rondt ze het gesprek af met een herhaaldelijk ‘nou daahaag’ en begraaft ze haar telefoon weer in haar tas.
Omdat Jayden nog steeds van de wereld is, besluit ze haar toch al felrode lippen nog even iets roder te stiften. Halverwege begint haar tas te trillen.

Met een exuberant ‘Hoooooi!’ is ze weer vertrokken in een gesprek.
Maar dan gebeurt er iets. Een haast merkbare verandering vindt plaats. De lippenstift valt uit haar vingers en rolt van het tafeltje op de grond. Haar half gestifte lippen trillen een beetje. Ze knikt wat hulpeloos, zich er totaal niet van bewust dat de ander haar niet kan zien.

‘Dankjewel. Graag.’
Ze hangt op en kijkt wat wezenloos voor zich uit.
‘Jay.’
‘Jayden…’
Misschien is het de toon, de vibrato in haar stem, maar het jongetje scheurt zich los van de telefoon.

‘Wat is er, mama?’ vraagt hij met grote ogen.
Zijn moeder slikt en streelt wat afwezig door zijn haar.
‘De stad staat in brand.’ zegt ze zacht.

Advertenties

2 Reacties op “Fictie | In Brand

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s